2. Het beleid ten aanzien van het gebruik van hard-drugs

2.2 Het beleid met betrekking tot XTC-gebruik

Het beleid inzake XTC is uiteengezet in de notitie hierover van de Minister van VWS (TK 1993-1994, nr. 23760) en is op 29 oktober 1994 en 14 juni 1995 met de Vaste Commissie voor VWS besproken. Daarin heeft de minister haar bezorgdheid over de ontwikkeling van het XTC-gebruik tot uiting gebracht en een aantal beleidsmaatregelen aangekondigd. Deze bestaan uit bestuurlijke maatregelen, maatregelen gericht op het nauwkeurig en kritisch volgen van het aanbod van designer-drugs, nader onderzoek naar de schadelijkheid van deze drugs en het intensiveren van de voorlichting.

Gelet op het feit dat XTC en daaraan verwante drugs veelvuldig op zgn. houseparties en andere grootschalige manifestaties worden gebruikt, heeft de minister inmiddels een handleiding opgesteld voor het gemeentelijke beleid ten aanzien van deze evenementen (Stadhuis en House, 1995). Daarin wordt uiteengezet welke mogelijkheden gemeenten hebben om voorwaarden te stellen aan de te verlenen vergunningen, teneinde druggebruik en de gevolgen daarvan zoveel mogelijk tegen te gaan. Ten aanzien van het volgen van de drugmarkt zullen de thans bestaande monitoringssystemen verder uitgebouwd worden. Nader onderzoek naar de schadelijkheid van designer-drugs zal op korte termijn van start gaan. De ontwikkelingen rond het gebruik van deze drugs, nopen tot een alerte en dynamische opstelling op het terrein van voorlichting en preventie. Daartoe zal de deskundigheid van preventiewerkers bevorderd worden. Eveneens zal dit najaar met een aantal voorlichtingsactiviteiten worden aangevangen. Hiervoor zij verwezen naar hoofdstuk 3, paragraaf 2.




Tweede Kamer, vergaderjaar 1994-1995, 24077, nrs. 2-3
© Ministerie VWS